Ingrediënten en volgorde

De juiste volgorde in de broodvorm

  1. Vloeistoffen (water, melk, olie): altijd eerst

  2. Droge ingrediënten (bloem/meel, suiker, zout op de hoeken)

  3. Gist: in een kuiltje bovenop, mag niet in contact komen met vloeistof of zout

Meelsoorten

  • Broodmeel (hoog gluten): De standaard. Houdt structuur na het rijzen. Aanbevolen voor de meeste broden.

  • Gewone bloem: Minder gluten. Geschikt voor cake en lichtere broden.

  • Volkorenmeel: Zwaarder, minder volume. Combineren met broodmeel voor beste resultaat.

  • Roggebloem: Vezelrijk. Combineren met een hoog percentage broodmeel.

  • Zelfrijzend bakmeel: Bevat bakpoeder. Niet combineren met gist.

Gist

  • Gebruik instantgist of broodbakmachine-gist.

  • Actieve droge gist kan ook, maar kan andere hoeveelheden vereisen.

  • Bewaren in de koelkast. Controleer houdbaarheidsdatum.

  • Gist testen: 1 kopje warm water (45-50 °C) + 1 tl suiker + 1 el gist. Na 10 minuten moet het borrelen. Doet het dat niet → gist is dood.

Hoeveelheden: 1 el droge gist = 3 tl = 15 ml. 1 tl = 5 ml.

Overige ingrediënten

  • Zout: Essentieel voor smaak en korstkleur. Beperkt gistactiviteit. Zonder zout rijst het brood te veel en zakt het in.

  • Suiker: Voeding voor gist, versterkt smaak en kleur.

  • Boter/olie: Maakt brood zachter. Boter smelten of in kleine stukjes snijden.

  • Water: Kamertemperatuur (20-25 °C). Bij uitgestelde start: geen zuivel gebruiken (bederft).